Afkomstig uit Amsterdam kwamen ze op La Grosse Talle via een gezamenlijke vriend, met zijn drieën en voor een vakantie van drie weken in de gîte. Maar er moest een weekje af omdat Patrick met zijn bedrijf Superstijl het enige echte democratische dansfeest op Lowlands moet (ehhh… mag) organiseren. En zijn website vertelt me dat hij het na zijn vakantie heel druk krijgt… Als je trouwens een leuk interactief filmpje over het concept wilt bekijken, dan kan dat op YouTube >>
Het idee van de democratische dansfeesten is het gevolg van de constatering dat er geen feitelijke vernieuwing plaatsvond in de opzet van de clubcultuur: DJ’s draaien, publiek reageert wel of niet, en daar bleef het bij. En toen dacht Patrick dat dat ook anders zou moeten kunnen. In zijn eigen woorden: « als je objectief kijkt, op een dansfeest zijn de mensen heel erg gericht op de programmering, ze komen voor een specifieke DJ op een feest, maar als je feitelijk kijkt naar wat een DJ doet op een feest, dan is dat niet zo bijzonder. Het is een soort van keurmerk dat aan de gasten aangeeft: dit wordt een echt feest, dit wordt een goed feest. In tegenstelling tot wat er gebeurt bij bands, die veel onderschijdender zijn. » We praten wat over de modes in de muziek en over het feit dat de toppers uit onze tijden weer terugkomen en Patrick verzekert me dat de sixty’s beatmuziek en de de Rolling Stones het vaak winnen en dan is het écht feest. Iedereen uit zijn dak, echt geweldig.
Het democratische dansfeest, de pendant van social shopping?
Het idee is dat de bezoeker via een digitaal stemsysteem (stemkaarten of app) bepaalt welke muziekstijl de DJ moet draaien, en dat per kwartier. Elk kwartier start een ronde met de stijl waarvoor de meeste stemmen zijn uitgebracht. Dat vraagt van een DJ een hele brede muzikale kennis en vooral een muzikale tolerantie, die afwijkt van het werken in één tot drie stijlen op een avond. Nu moet een DJ soms zestig stijlen op een avond draaien. De wederhelft van social shopping dus eigenlijk…
En van welke muziek houdt Patrick zelf? Hij ziet muziek als een uitdaging om zoveel mogelijk muziek leuk te vinden en om te kijken waarom het goed is. Vanuit een soort naïviteit probeert hij dingen te beluisteren en daarvan de waarde te onderkennen. Toen hij achttien was en iedereen midden in de House muziek zat, vond hij Elvis Presley stiekem ook heel erg leuk.
Muriel Mohr maakt ook fotoboeken, voor particulieren. Ze verzorgt dan de beeldredactie « voor de bulk van foto’s die mensen op hun harde schijf bewaren en zet dat om in elitaire boekjes, maar heel mooi ». Smaakvol, esthetisch verantwoord is de wat democratischere omschrijving. En daarmee zijn we weer terug bij de partner… :-)
Wat deden ze tijdens hun verblijf op La Grosse Talle?
Charlie en Norah en de poesjes op La Grosse Talle...
Ze zijn naar de Apenvallei geweest, de Nombril du Monde, het Ile de Ré, ze hebben aardig wat vide greniers bezocht op zoek naar spullen voor hun huisje in Ermelo, in vintage « Mad Men » stijl. Het schijnt dat ik die serie MOET downloaden (ik houd jullie op de hoogte). En die spulletjes zijn gevonden: een klok, een lampekapje, een paar plantebakkenhouders, en van die dingen die ik hier ook in de gîte heb hangen, zo’n ding waar ze vroeger water in deden en waarmee je je handen kon wassen. Ze zijn ideaal voor pollepels…
Het leukste vond Patrick het fietsen (dat was zijn dingetje solo, want alles hoeft niet democratisch), Muriel vond heel veel dingen leuk (maar vooral de rust, de ruimte, het platteland, de beestjes, groen, groen, groen én het strand) en Charlie vond de trampoline en het zwembad en de kindjes en het tweede ijsje op de laatste dag het aller, aller leukste. En het brood halen ‘s ochtends. En de poesjes.
Over het fietsen van Patrick, het viel hem op dat hij tussen de 35 en 45 minuten vanaf het beginnen met fietsen helderder werd van geest en mooie ingevingen kreeg… Zo kwam hij hier op de naam van een nieuw soort feest dat hij wil gaan organiseren (een zoek van verzoekplaatjesfeest, dat pleaseplay gaat heten. Je kunt het vast volgen op Twitter: https://twitter.com/#!/please_play
Het moet worden gezegd: petje af voor onze gasten die tijdens de toch wel talrijke regenrijke periodes van de zomer 2011 hun goede humeur en vooral inventiviteit hebben behouden. Zo was daar Onno (die van de iPad familie), die van de gelegenheid gebruik heeft gemaakt om in een niet zo’n echte campingpan (zie foto!) een, volgens hem heerlijke, kalfstong te bereiden. Volgens hem, want ik moet eerlijk bekennen dat ik het niet zo goed durf te eten. Maar wellicht, wellicht, ga ik het toch eens proberen.
Voor de echte liefhebbers volgt hieronder het recept van Kalfstong op de camping à la Onno :
Kleine kalfstong, inwrijven met grof zeezout van Ile de Ré. Met lauw waterwegzetten zo lang mogelijk, minstens 2 uur, in de auto stappen voor een nieuw gastankje.
Gooi het zoute water weg, spoel de tong af, en borstel hem schoon, snij het keelstuk eraf, met tegenzin, omdat je pan toch te klein is. Zet hem op met 3 worteltjes, uitje, le bouquet garni, peterselie, glas witte wijn (cognac mag ook), peper toevoegen. vul aan met water tot de tongnet onder staat.
Zet het vuur zacht, zo zacht mogelijk en dat kan niet met een nieuw tankje… (tip van de gastvrouw: we hebben verdeelplaatjes, die zouden uitkomst kunnen bieden). Laat het geheel 2 uur borrelen en zet hem dan uit. Stuur je vriendin met een paraplu naar Beer voor een beetje bloem. Maak een rouxtje met de boullion van de tong. Roer op het laatst een blikje tomatenpuree erdoor.
Haal de tong uit de pan en haal het vel eraf. Geef het puntje aanje oudste zoon en begin snel met eten anders wordt het koud. Heerlijk met de intussen gekookte haricots verts en brood.
Eerlijk is eerlijk: het is een onweerstaanbaar recept! We moeten het toch maar eens gaan proberen en ik nodig hierbij iedereen uit om ons een foto te sturen van de kalfstong op de camping van Onno!
Bianca en Richard Splinter kwamen hier met Louise, die haar eerste echte vakantie buitenshuis kwam vieren: 14 maanden is ze hier geworden en ze was een geweldige buurvrouw!
Het gezellige gedoetje van de familie Splinter was een lust voor het oog en pastte in alle opzichten bij het volume en de sfeer van La Talle: zelfs de rode speelgoedbak leek afgestemd op de leidende kleur van het kleinste appartement van la Grosse Talle.
La Talle ligt op een cruciale plek om de gezelligheid van de kinderen die hier spelen, het broodritueel, het zwembad en de marshmellow-rituelen op het kampvuurtje mee te beleven. Bianca gluurde af en toe door het raampje om te zien of de broodjes al waren aangekomen :-).
Bianca is binnenhuisarchitecte van beroep (« het mooiste beroep dat er is
! ») en Richard assistent-accountant (« en dat is écht het leukste beroep van de wereld »). Als Bianca dan opmerkt « wat je wilt jongen »,dan kan ik me niet aan de indruk onttrekken dat ze samen heel gelukkig zijn. Ze kwamen op La Grosse Talle nadat ze bij de ANWB een boekje vonden over « 100x logeren en kamperen en logeren bij Nederlanders in Frankrijk » en La Talle kwam eruit als leukste huisje, en dat voor hun eerste keer Frankrijk (wij voelen ons vereerd!). En de niet commercieel toeristische omgeving sprak ze ook enorm aan.
Want ze zochten iets dat niet standaard was en waren meteen verliefd op « gewoon dit schattige huisje, zo kneuterig » en ze waren er twee weken heel gelukkig. Ze kamperen normaal, en zochten deze keer een huisje om de buren niet van een baby mee te laten genieten, tenzij dan uiteraard voor de bewonderende blikken. De afstand met andere kampeergasten was ook wel fijn deze keer, en de gezamenlijke « zalige maaltijden van Beer » leverden dan weer mooie momenten op om toch contacten aan te knopen.
Wat deden de Splintertjes tijdens hun verblijf op La Grosse Talle? Normaal lezen ze zich helemaal in, maar dat is er deze keer niet van gekomen, en ondanks dat feit hebben ze veel meer gedaan dan ze van te voren hadden gedacht. Tijdens eerdere vakanties gingen ze eerst naar de steden en zochten ze daarna de rust op, maar hier hebben ze het eigenlijk andersom gedaan: eerst rustig op La Grosse Talle settelen, en daarna af en toe naar een stad om wat dynamischer omgeving op te zoeken.
Ze liepen de wandeling rond Melle (Chemin de la découverte), het viel Bianca vooral op dat ze helemaal niemand tegenkwamen. Ze zijn ook naar de Zoodyssée geweest (« eigenlijk een gewone dierentuin, maar het grote bosis weer opmerkelijk rustig. Hoewel het groot is opgezet, loop je toch dicht bij de dieren. ») Verder zijn ze ook naar de markten geweest (Melle, Saint-Maixent L’Ecole) en het viel ze eigenlijk overal op, maar vooral tijdens de markten, dat je niet zou denken dat het hoogseizoen zou zijn, zo rustig was het eigenlijk overal.
Ze zijn ook naar Niort geweest: gewinkeld, leuke jurk voor Louise gekocht bij Du Pareil au Même – een goed adres voor echt Franse kinderkleding!), tja, eigenlijk hebben ze alleen maar kleren voor Louise gekocht…
Het viel Richard op dat alles zo enorm schoon is, en hij vond de werkzaamheden in het centrum van Niort veelbelovend. Wat het landelijke buitenleven betreft: er zijn mooie foto’s gemaakt tussen de zonnebloemen (en ze hebben me beloofd die later toe te sturen!).
En ze zijn naar de Nombril du Monde (even de video doorkijken, er is niet alleen tekst, er komen beelden!) geweest, wat ze heel erg leuk vonden. Ze denken dat het helemaal geweldig is voor mensen met kinderen tussen drie en tien jaar: « lekker gek gewoon ». Dat is inderdaad wel een heel treffende uitdrukking! Ze hebben een liedje ingezongen in op de muur van ???
« Begin de dag met een dansje,
begin de dag met een lach
want wie vrolijk kijkt in de morgen
die lacht de hele dag ».
Voor allen die deze zomer nog naar de Nombril gaan, probeer maar eens om het liedje van Chiel, door Bianca ingezongen, terug te horen.
In het zomerseizoen rijdt er elke ochtend zo’n klein wit Frans bestelbusje ons terrein op, vol met vers brood. Dat gaat als volgt: Jan maakt de avond ervoor zijn rondje, geeft hier en daar briefjes af die onze gasten dan invullen en ‘s morgens kunnen ze hun bestelling onder de open hangar ophalen. Heel sfeervol, erg ambachtelijk, van de bestelling tot aan het brood.
De Belgische familie Baert heeft anderhalve week op het meest discrete stukje van de camping gestaan, daar achteraan links. Overigens past dat adjectief uitstekend bij ze: discreet, maar gezellig en vrolijk zijn ze en het was prettig om ze een week of wat op La Grosse Talle te hebben. Carine werkt als gezinsbegeleidster met kinderen gedrags- en emotionele problemen in Brasschaat, bij de kinderen aan huis, vanuit het idee dat het het beste is dat de kinderen bij hun ouders opgroeien. Jonas is ontwerper van kartonnen displays en verpakkingen, samen met zes andere ontwerpers in een fabriek met 30 man personeel. Ze werken voor grote merken, vooral Belgische merken, en wat voor de Nederlandse markt. Ze kwamen met twee en een half kind kamperen, op een plekje met extra schaduw. Het is een plekje met veel schaduw, ‘s morgens wel wat auto’s, maar verder geweldig. Wat ze leuk vonden is dat er geen ‘echte’ plekken waren, dat het gewwon een heel groot geweldig terrein was waar iedereen gezellig samenleeft.
Ze kwamen hierheen omdat ze binnen één dag rijden op vakantie wilden, via de website van ECEAT. La Grosse Talle zag er het beste uit van alle kleine campings die bij ECEAT gereferenciëerd zijn (dank voor het compliment!), en uiteindelijk vonden ze het ook de beste camping die ze ooit hebben bezocht! Ze zijn nog nooit twee weken op een camping gebleven, maar het is ze goed bevallen, want er was eigenlijk veel te doen op een afstand van ongeveer een half uur rijden. Ze zijn niet op vakantie om veel in de auto te zitten. En ze hadden nog veel meer kunnen doen, maar daar komen ze voor terug.
Wat deden ze tijdens hun verblijf op La Grosse Talle?
Ze hebben wat stadjes en steden bezocht (Niort, La Rochelle, Poitiers). Poitiers en La Rochelle vonden ze heel tof. Ze hebben in La Rochelle met de watertaxi gevaren, op zonne-energie (!), van de jachthaven tot in het centrum. Ze waren er tijdens de Francofolies, maar daar hebben ze niet veel aandacht aan besteed, want met kleine kinderen is dat wat druk. Ze hebben er de torens bezocht, voor het betere ridder- en piratengevoel. Een echt kasteel! En ze hebben wat gewinkeld.
In Poitiers hebben ze de botanische tuin bezocht, heel tof, met groenten, bloemen, kruiden, cacti, vanalles. Dat was zo leuk omdat de kinderen daar lekker kunnen rondrennen, en toch wat kunnen zien, tikkertje spelen tussen de perceeltjes, een alternatieve manier om de stad te verkennen.
Ze hebben ook veel gefietst, ze vonden de tocht naar La Mothe-Saint-Héray heel tof, en Exoudun heel prachtig. Uit het niets kwam dat terecht, ineens een klein prachtig stadje, het was een prachtige fietstocht.
Het aller-, allerleukste vonden Tuur en Briek het middeleeuwse ridderfestival in Lusignan, de zaterdag voor vertrek. Véél ridders, een heks, monikken, koetsen, paarden, straattoneel, een middeleeuwse lama, een beetje een parade, met middeleeuwse figuren, een beetje amateuristisch, maar dat was nou juist zo charmant. Veel kleinvee, kippen, varkens, een echt middeleeuws straatbeeld. Inclusief een slechte ridder die achterstevoren op een ezel werd rondgereden en een valkenier met twee uilen.
En: een kasteel van strobalen, dat door de kinderen kon worden bestormd en met een grote katapult met water beschieten. Jammer dat Briek zijn ridderpak niet bij zich had, maar daar komen ze voor terug!
En op het allerlaatste moment is Jonas vertrokken met een stek van de vijgenboom die bij ons op het terras staat, gewoon proberen hè? Ook al is het eigenlijk niet het seizoen… :-)!
De familie Van der Linde kwam op La Grosse Talle omdat dit gebied een compleet blinde vlek op hun Frankrijk-ervaringen was. En het moest ‘onderweg’ zijn naar de volgende bestemming, in de Dordogne, in Paleyrac om precies te zijn.
Uitrusten van een jaar werken bij KPN (‘twaalf jaar al!’), waar Onno netwerk- en storage architect is. Marrit werkt als adviseur/trainer in reintegratie processen, en is gespecialiseerd in spraakherkenning en dyslexie. Haar achtergrond is bewegingstechnologie, een meer toegepaste ergonomie, in het raakvlak bewegingstechnologie en bewegingswetenschappen. Beide werkvelden hebben raakvlakken met het werk van Beer, dus dat leverde voldoende materiaal op voor mooie gesprekken…
Marrit is op Twitter te volgen onder @marritprins, Onno onder de naam @transmieter, naar één van de mooie titels van Marten Toonder. Dat wil zeggen: hij heeft beloofd dat hij er werk van gaat maken. Dat zijn ze ook wel verplicht aan het image dat ze op de camping hebben opgebouwd, want zij hadden niet alleen een ipad bij zich, maar hadden daarvoor ook een 3G+ sleutel gekocht en konden in de regen tenminste op hun gemak het NRC lezen…
Wat ze er heerlijk aan vonden was de interactieve manier waarmee je een gebied kunt verkennen met de ipad: in het handschoenenkastje, ermee in Melle rondlopen, meteen kijken wat er allemaal te zien is. Want als je weet wat je ziet, dan zie je meer. Volgens Onno krijgt de informatie houvast en diepgang, het wortelt meer. Het leert je opnieuw vragen stellen. Het geeft initiatief terug, je kunt richting geven aan je nieuwsgierigheid.
Wat hebben ze verder gedaan tijdens hun verblijf op La Grosse Talle?
Melle vonden ze heel erg leuk: ze hebben de wandeling eromheen voor een stuk gelopen en dat was een groot succes. Niet alleen was het leuk en waren ze onder de indruk van de bomencollecties, maar het was ook zo opgezet dat de jongens het als een speurtocht zagen. En uiteraard was met name de Lindelaan een succes :-).
Lekker gelunchd in een ongelofelijk Frans tentje, waar ze een lekker broodje hebben gegeten. Heel vriendelijke meneer, leuk uitstapje.
Verder vonden ze het Aquarium in La Rochelle leuk, en zowieso is La Rochelle ze heel goed bevallen. Wat een prachtige stad! Cognac hebben ze ook bezocht, er was een leuk museum, met een Engelse headset was het heel goed te doen. Mooi opgezet, ook leuk voor de kinderen. En een prachtige architectuur, mooi opgezet.
De Tumulus de Bougon was leuk, ook weer een prachtig gebouw! Onno, die bouwkunde heeft gestudeerd, was zowieso onder de indruk van de gebouwen. Ze waren eigenlijk niet zo in de stemming ervoor, maar het gebouw was heel prettig en ze gaan er zeker nog een keer naar terug.
De eerste week vloog voorbij: mooi weer, zwembad, de kinderen hebben heerlijk zitten bouwen en kleien op een vers stuk aarde op de camping (waar volgend jaar gewoon een staanplaats zal zijn). Naar het Ile de Ré geweest, dat vonden ze spannend, en het water kwam zo snel op dat dat voor veel hilariteit zorgde, maar ze waren er gematigd enthousiast over.
En dan, de krekels en sprinkhanen! De jongens hebben zich geworpen op het plukken van bloemetjes en op het vangen van krekels en sprinkhanen, die natuurlijk gevoerd moesten worden. Op de iPad hebben ze vervolgens hebben ze bekeken wat een bidsprinkhaan eigenlijk is, en dat die andere sprinkhanen opeet. Die hebben ze toen maar vrijgelaten. De sprinkhanen zijn doorgegeven aan de volgende gasten, onder de voorwaarde dat ze snel worden vrijgelaten! Op een ochtend werden ze gewekt door de krekels die in de pot zaten, ongelofelijke herrie kunnen die maken.
Frans en Dorien zitten allebei in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Ze kenden dit gedeelte van Frankrijk helemaal niet, en zijn hier al dwalend terechtgekomen. Ze zijn echte oostblokgangers, en komen af en toe ook in Frankrijk. Altijd kamperen, dat wel.
Wat deden Dorien en Frans op La Grosse Talle? Ze bleven vier dagen en hebben in die tijd bourgondisch geleefd. Tussendoor wat rondgetoerd, Niort bezocht en naar Saint-Maixent L’Ecole geweest. Dat laatste om gebruik te maken van de wifi bij de MacDonalds.
Verder hebben ze alle muziek van de iPod geluisterd, allemaal dwars door elkaar heen, via boxjes, zonder geluidsoverlast voor de buren :-). En veel gelezen: Dorien las « De hand van Fatima » bijna 900 pagina’s, bijna uitgelezen (van de schrijver van de « Kathedraal van de Zee« ), van IldeFonso Falcones. Frans las de laatste Nicci French (« Blauwe maandag ») en hij vraagt zich af hoe een echtpaar samen boeken kan schrijven. Hij heeft het aan Dorien voorgesteld, maar zij is er geen voorstandster van. Misschien als je *twee* weken in de regen zou zitten op La Grosse Talle, maar zover hebben ze het niet laten komen. Want ze trekken weer verder, nog een weekje gaan waarheen ze maar willen. Maar ze nemen zich voor om nog eens terug te komen om La Grosse Talle in mooi weer te zien.
Voor al diegenen die zich afvragen hoe het is om in de winter op La Grosse Talle te leven: dit is het ongeveer. Lange winteravonden, voor de haard, met een wijntje en goed gezelschap! Wij zijn zo ongelofelijk blij met onze fantastische gasten, die dit pokkeweer allemaal min of meer goed doorstaan, en het is hartverwarmend om ze allemaal rond de haard te zien zitten. Ervaringen van vandaag en tips voor morgen worden uitgewisseld. En Jan staat vanavond garant voor een selectie uit de sterke-verhalendoos… de boekhouding moet maar even wachten :-).
C’est la deuxième fois que Pierre vient dans un camping gardé par des néerlandais, et il les apprécie beaucoup. Il se demande comment les néerlandais choisissent leurs campings: par un guide spécial ? Il voudrait bien obtenir un tel guide. Je lui donnerai mon ancien guide ‘Kleine campings in Frankrijk’ de l’ANWB. Pour qu’il revienne et pour lui faire découvrir d’autres campings tenus par nos compatriotes :-). Il va falloir dépoussiérer un peu son néerlandais, mais bon, ils ont presque tous un site web, ces néerlandais :-).
Pourquoi il trouve les campings des néerlandais aussi agréables ? Première remarque après son arrivée : ça se voit, car vous avez des trucs spécialement pour les enfants, des jouets en accès libre. Des vélos, des jeux, qui sont disponibles et que tout le monde peut utiliser à son gré, sans que cela soit contrôlé. C’est drôle, car c’est en effet une des choses qui est culturellement différente : les néerlandais travaillent sur la base de la confiance et non sur la base de contrôle…
Qu’est-ce que Pierre vient faire sur le Chemin de Compostelle ? Tard le soir, avec un verre de vin, il me raconte son histoire… Il vit et travaille à la Ville de Saint-Omer, qu’il aime beaucoup, de part son histoire et son patrimoine exceptionnels. Une ville qui a été fondée par des moines, quand elle se trouvait encore de l’autre côté de la frontière. C’est ce qui a fait sa richesse : très longtemps, Saint-Omer, ville flamande, est restée ville frontalière. Et comme Bruges, elle avait accès à la mer. Saint-Omer est en quelque sorte la petite soeur de Bruges.
Ce qui a provoqué son histoire c’est qu’il a travaillé pour son diplôme d’architecte (1993) sur un site où il y a une abbaye Cistercienne qui était un lieu de pélérinage au Moyen Age. (Sorde l’Abbaye, dans Les Landes).
Comme elle était en ruine, son projet était de concevoir une nouvelle abbaye sur le site, juste à côté. Il l’a fait avec un moine, frère Aimable, de l’abbaye cistercienne le plus nord de la France, l’Abbaye du Mont Des Cats, au Mont des Cats. Par le voyage, Pierre veut relier les deux mondes, du nord et du sud ouest de la France.
La raison moins officielle, ou plus profonde, c’est quoi ? Il le fait de façon autonome, mais il a besoin des autres. Ayant du mal à demander de l’aide aux autres dans la vie au quotidien, il doit s’efforcer d’aller à la rencontre des autres pour avancer, pour vivre, sur le chemin comme dans la vie. Il aime le silence, une certaine solitude, la campagne française, se contenter de peu de choses pour avancer, se débarasser de tout ce qu’il encombre, mais il aime aussi le rencontre, aussi difficile qu’elle soit parfois.
Alors, il quitte famille et boulot une semaine par an, pour se frotter à cette autre existence. Sauf l’année dernière, quand il l’a fait avec un des ses fils, une autre façon de faire le chemin. Il voulait faire Peking Express, mais son père l’a séduit à vivre cette expérience avec lui. Expérience concluante ? Sur le moment, pas forcément. Mais rétrospectivement, certainement !
Et nous, à La Grosse Talle, nous aimerions bien les acceuillir tous au camping, pour une autre sorte de retraite et découverte :-).
Ik moet eraan geloven, de oude blog is weg, dood, niet meer te vinden, alles kwijt. Tja, het kan zelfs de beste overkomen. Sommige artikelen en stukjes en commentaren, zoals het uitzoeken van een nieuwe bril, al weer jaren geleden, zijn niet meer te hertstellen. Maar andere dingen weer wel. Ik begin maar gewoon aan het begin: met dat wat ik me herinner. En omdat er vandaag op twitter expliciet naar werd gevraagd door @bretonseboerin, eerst maar het recept voor de clafoutis. Een toprecept. Dat je met kersen kunt maken als je het klassiek wilt doen, maar wat ook héérlijk is met appel/kaneel of andere vruchten!
Voor de snelheid, plaats ik nu eerst de foto, de tekst zal ik later overnemen. Zodat @Bretonseboerin haar clafoutis vanavond nog op tafel kan zetten :-):